Inhoudsopgave
Wordt u als voetganger of fietser aangereden door een auto, dan hoeft u niet te bewijzen dat de bestuurder een fout maakte om uw letselschade vergoed te krijgen. Dat is het gevolg van artikel 29bis van de WAM-wet, de wet van 21 november 1989 over de verplichte autoverzekering. Het artikel beschermt de zogenaamde zwakke weggebruiker.
De regeling bestaat sinds 1995. Ze vertrekt van een eenvoudige gedachte: wie te voet, met de fiets of als passagier aan het verkeer deelneemt, is kwetsbaar tegenover een motorrijtuig. De verzekeraar van dat motorrijtuig betaalt de lichamelijke schade, ook zonder fout van de bestuurder en zelfs als het slachtoffer zelf in fout was. In dit artikel leest u wie beschermd is, wat vergoed wordt en waar de grenzen liggen. Een breder overzicht vindt u in ons artikel verkeersongeval: wat te doen?.
Wie is een zwakke weggebruiker?
De wet gebruikt het woord “zwakke weggebruiker” zelf niet. Ze beschermt alle slachtoffers van een verkeersongeval met een motorrijtuig, met één grote uitzondering: de bestuurder van een betrokken motorrijtuig. In de praktijk gaat het om:
- voetgangers, ook kinderen en wie op het voetpad staat;
- fietsers, ook met een elektrische fiets met trapondersteuning tot 25 km/u;
- gebruikers van een elektrische step of ander voortbewegingstoestel dat niet sneller gaat dan 25 km/u;
- passagiers van een auto, bus of vrachtwagen, ook van het voertuig van de aansprakelijke bestuurder of van hun eigen partner;
- ruiters en gebruikers van een rolstoel.
De bestuurder van een auto, een motorfiets of een bromfiets is niet beschermd. Hij moet voor zijn eigen letselschade een fout van een ander bewijzen, of een beroep doen op een eigen bestuurdersverzekering.
En de speedpedelec?
Een speedpedelec kan tot 45 km/u en is in de Wegcode een bromfiets. Voor de WAM-wet is het een motorrijtuig dat verzekerd moet zijn. Wie een speedpedelec bestuurt, geldt daarom in principe als bestuurder van een motorrijtuig, en niet als zwakke weggebruiker. Een gewone elektrische fiets met trapondersteuning tot 25 km/u blijft wel beschermd. De grens tussen beide wordt in de rechtspraak en rechtsleer nog besproken, zeker voor fietsen met een extra duwfunctie.
Wat wordt vergoed?
Artikel 29bis vergoedt:
- alle schade door lichamelijke letsels: medische kosten, loonverlies, tijdelijke en blijvende ongeschiktheid, esthetische schade, pijn en morele schade;
- de kledijschade;
- bij overlijden: de schade van de nabestaanden, zoals begrafeniskosten, inkomensverlies en morele schade.
De bedragen worden berekend zoals in het gewone aansprakelijkheidsrecht. U krijgt dus dezelfde vergoeding als wanneer de bestuurder volledig in fout was. De bedragen die rechters daarbij als richtlijn gebruiken, staan in de Indicatieve tabel 2024.
Niet vergoed via 29bis: uw fiets, helm, bril, gsm, laptop of andere spullen. Die materiële schade krijgt u enkel vergoed als u een fout van de bestuurder bewijst.
Ook zonder fout van de bestuurder
Dat is de kern van de regeling. Het maakt niet uit of de bestuurder de verkeersregels volgde of niet. Ook als u zelf de fout maakte, door bijvoorbeeld zonder uit te kijken over te steken of door het rood licht te fietsen, krijgt u uw letselschade volledig vergoed. Er gebeurt geen verdeling van aansprakelijkheid.
Het artikel geldt ook als de bestuurder de schade opzettelijk veroorzaakte.
Wanneer valt u erbuiten?
Er is maar één uitzondering. Een slachtoffer ouder dan 14 jaar dat het ongeval en de gevolgen ervan gewild heeft, kan zich niet op 29bis beroepen.
Die uitzondering is zeer eng. Het Hof van Cassatie legt ze strikt uit: alleen wie de schade zelf bewust wilde, valt erbuiten. In de praktijk komt ze neer op zelfmoord of zelfverminking. Een zware fout, zelfs roekeloos gedrag of oversteken onder invloed, volstaat niet. De verzekeraar moet het opzet bewijzen.
Een recent voorbeeld is een vonnis van 31 maart 2026 van de rechtbank in Henegouwen (afdeling Bergen). Een passagier was na een ruzie uit de wagen gestapt en over een autosnelweg gelopen, waar ze dodelijk werd aangereden. De verzekeraar weigerde tussen te komen, omdat zij het gevaar had moeten kennen. De rechter oordeelde dat niet bewezen was dat zij de schade bewust had gewild. De nabestaanden werden vergoed via 29bis.
Jonge kinderen tot 14 jaar zijn altijd beschermd, ook als ze het ongeval wilden.
Wanneer is een motorrijtuig “betrokken”?
Artikel 29bis vereist een verkeersongeval waarbij een motorrijtuig betrokken is. Een aanrijding is niet nodig. Het Hof van Cassatie herhaalde op 12 september 2025 (C.24.0104.F) dat een voertuig betrokken is zodra het enige rol speelde in het ongeval. Een oorzakelijk verband tussen de aanwezigheid van het voertuig en het ongeval is niet vereist.
Enkele voorbeelden:
- een fietser die valt omdat hij moet uitwijken voor een auto die plots wegrijdt;
- een voetganger die eerst door een wagen en daarna door een tweede wagen wordt geraakt;
- een fietser die tegen een fout geparkeerde bestelwagen botst.
Het slachtoffer moet de betrokkenheid wel met voldoende zekerheid aantonen. In het vonnis van 31 maart 2026 werd een tweede wagen, die over het lichaam van het slachtoffer reed, niet als betrokken beschouwd, omdat niet vaststond dat die wagen nog invloed had op het overlijden.
Ook een tram of trein kan een betrokken voertuig zijn, wanneer hij de weg deelt met het andere verkeer.
Wie betaalt?
De BA-verzekeraar van het betrokken motorrijtuig betaalt. Zijn er meerdere motorrijtuigen betrokken, dan zijn hun verzekeraars hoofdelijk gehouden: u mag het volledige bedrag van één van hen vragen.
Was het voertuig niet verzekerd of is het onbekend gebleven, bijvoorbeeld na een vluchtmisdrijf, dan komt het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds tussen.
De verzekeraar die u vergoedt, kan het bedrag nadien terugvorderen van wie wel aansprakelijk is, bijvoorbeeld een andere bestuurder. Dat is een zaak tussen verzekeraars en raakt uw vergoeding niet.
Verhouding met het gewone aansprakelijkheidsrecht
Artikel 29bis komt bovenop het gewone aansprakelijkheidsrecht, het vervangt het niet. Dat heeft twee gevolgen:
- Uw materiële schade, zoals uw fiets, vordert u volgens de gewone regels. Dan telt de fout van de bestuurder wel, en ook uw eigen fout kan uw vergoeding verminderen.
- Andere uitkeringen, zoals die van uw ziekenfonds of een arbeidsongevallenverzekeraar, worden verrekend. U krijgt dezelfde schade niet twee keer vergoed.
Veelgestelde vragen
Ben ik als fietser altijd een zwakke weggebruiker?
Ja, zolang u een gewone fiets of een elektrische fiets met trapondersteuning tot 25 km/u gebruikt. De verzekeraar van het betrokken motorrijtuig vergoedt dan uw letselschade, ook als u zelf in fout was. Rijdt u met een speedpedelec, dan geldt u in principe als bestuurder van een motorrijtuig en valt u niet onder artikel 29bis.
Krijg ik ook mijn kapotte fiets vergoed via 29bis?
Nee. Artikel 29bis vergoedt enkel lichamelijke schade en kledij. Voor uw fiets, helm, gsm of andere spullen moet u aantonen dat de bestuurder een fout maakte. Is de schuld gedeeld, dan krijgt u voor die spullen maar een deel vergoed. Uw letselschade blijft wel volledig gedekt.
Wordt een passagier altijd vergoed?
Ja. Een passagier is geen bestuurder en valt dus onder artikel 29bis, ook als hij in de wagen van de aansprakelijke bestuurder zat. Dat geldt ook voor de partner of het kind van de bestuurder. De verzekeraar van de wagen vergoedt de letselschade, los van wie het ongeval veroorzaakte.
Wat als ik door het rood licht fietste?
Dan krijgt u uw letselschade toch volledig vergoed. Een eigen fout, zelfs een zware, speelt bij artikel 29bis geen rol. Alleen wie ouder is dan 14 jaar en het ongeval en de gevolgen bewust wilde, verliest de bescherming. Voor schade aan uw fiets of spullen kan uw fout wel meetellen.
Moet er een aanrijding geweest zijn?
Nee. Het volstaat dat een motorrijtuig enige rol speelde in het ongeval. Een fietser die valt omdat hij moet uitwijken voor een auto, kan zich dus ook op artikel 29bis beroepen. U moet die betrokkenheid wel aantonen, bijvoorbeeld met getuigen, camerabeelden of het proces-verbaal.
Uw dossier laten nakijken
Weigert de verzekeraar tussen te komen omdat u zelf in fout zou zijn, of betwist hij dat zijn verzekerde betrokken was? Wij beoordelen uw dossier en vorderen uw vergoeding. Lees ook ons artikel over schadevergoeding na een verkeersongeval. Neem contact met ons op.
Stand van de wetgeving: 30 september 2026. Wij werken dit artikel bij wanneer de regels wijzigen.
Verwante artikels
Verkeersongeval: wat moet u doen en wie is aansprakelijk?
Betrokken bij een verkeersongeval? Wat u ter plaatse moet doen, wanneer u de politie belt, wie aansprakelijk is en hoe u schadevergoeding krijgt.
Aanrijdingsformulier invullen: tips en valkuilen
Hoe vult u het Europees aanrijdingsformulier correct in, wat is de bewijswaarde, moet u tekenen en kan u het achteraf nog wijzigen?
Autoschade na een ongeval: gebruiksderving en waardevermindering
Herstelling of totaal verlies, gebruiksderving per dag, huurwagen, btw en waardevermindering: welke autoschade vergoedt de tegenpartij na een ongeval?